Opvang en onderdak

Veel illegalen doen voor opvang en onderdak in eerste instantie een beroep op familie of landgenoten. Het is voor illegalen mogelijk een woning te huren. Het huurrecht blijft dan nog steeds geldig. De Koppelingswet heeft wel de mogelijkheden om een huurwoning te vinden ingeperkt. Zo kan een illegaal geen huisvestingsvergunning krijgen, geen woning van een woningbouwvereniging huren, en geen huurtoeslag krijgen.
Vaak vinden ze een kamertje of bed in panden van “huisjesmelkers” waarvoor ze een hoge huur moeten betalen. Net als andere huurders hebben illegalen recht op huurbescherming. De meeste illegalen durven daar echter geen gebruik van te maken.
Illegalen doen ook een beroep op de noodopvang: tal van plaatselijke initiatieven die zich vooral richten op de opvang van uitgeprocedeerde asielzoekers. Een deel van deze opvang wordt gefinancierd door gemeenten en kerken.
Het aantal uitgeprocedeerde asielzoekers nam sterk af na het generale pardon in het voorjaar van 2007. Dit generaal pardon betrof 28.000 asielzoekers die al voor 1 april 2001 in Nederland asiel hebben aangevraagd en nog steeds in Nederland waren. Al bij de voorbereiding van het generaal pardon kondigde de staatssecretaris van Justitie aan dat de noodopvangen gesloten moesten worden
Het Rijk en de gemeenten sloten een akkoord: het Rijk nam de verantwoordelijkheid voor uitgeprocedeerde asielzoekers op zich en zou die groep vanuit vreemdelingendetentie, asielzoekerscentra en de vrijheidsbeperkende locatie in Ter Apel naar het land van herkomst begeleiden en de gemeenten beloofden geen noodopvang meer te financieren
Een aantal noodopvangvoorzieningen hebben na het generaal pardon daadwerkelijk de deur gesloten. Andere hebben samen met steunorganisaties en gemeenten geprotesteerd. Er waren immers nog steeds asielzoekers die – in afwachting van de definitieve beslissing op hun aanvraag voor een verblijfsvergunning – rechtmatig in Nederland verbleven maar geen opvang meer kregen in een asielzoekerscentrum. Eind 2009 kwam de staatssecretaris (gedeeltelijk) aan deze protesten tegemoet. De rechtmatig in Nederland verblijvende asielzoekers in de noodopvang kunnen vanaf 1 januari 2010 de beslissing op hun asielverzoek afwachten in de rijksopvang. De opvang van ex-Ama's (alleenstaande minderjarige asielzoekers) wordt gedeeltelijk betaald vanuit het zogenaamde Perspectiefproject. De ex-asielzoekers met een lopende medische procedure krijgen ook recht op rijksopvang.
Asielzoekers die uitgeprocedeerd zijn en er niet in geslaagd zijn om naar hun land terug te keren – bijvoorbeeld omdat ze statenloos zijn geworden, of omdat hun land van herkomst nier meer bestaat of omdat ze geen geldige papieren hebben - moeten nog steeds de rijksopvang verlaten. Ze worden op straat gezet, verdwijnen in de illegaliteit en gaan op zoek naar onderdak. Artikel Trouw 6/4/2010
De Stichting Landelijk Ongedocumenteerden Steunpunt (LOS) te Utrecht houdt op haar website  www.stichtinglos.nl een overzicht van opvangadressen bij. Volg in het navigatiemenu: informatie>steunorganisaties>noodopvang.

Illegale kinderen
Het Verdrag inzake de rechten van het kind is voor Nederland in 1995 in werking getreden. Nederland heeft zich daarmee verbonden om kinderen te verzekeren van bescherming en zorg die nodig zijn voor hun welzijn (art. 3). Dit geldt ook voor kinderen die hier illegaal zijn.
Onlangs deed het Europese Comité voor Sociale Rechten (ESCR) uitspraak in een door Defence for Children voorgelegde zaak. Uit die uitspraak kan worden opgemaakt dat Nederland ook voor mensen zonder verblijfsvergunning moet zorgen voor opvang. Door uitgeprocedeerde kinderen op straat te zetten worden kinderrechten geschonden. De minister van Justitie deelde desgevraagd mee dat de uitspraak van het ESCR juridisch niet bindend is en dat het Comité de verkeerde conclusie getrokken heeft. Vlak daarna sprak een Nederlandse rechter uit dat er wel degelijk sprake is van een verplichting tot verlening van onderdak. In april 2010 oordeelde de voorzieningenrechter in Utrecht dat voor een uitgeprocedeerde asielzoekster en haar minderjarig kind noodopvang op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) moest worden verleend Trouw 8/4/2010. Daarna oordeelde de voorzieningenrechter in Rotterdam dat de overheid niet voor opvang hoeft te zorgen. In juli 2010 sommeerde de Raad van Europa Nederland om te stoppen met het op straat zetten van kinderen. Eind juli 2010 oordeelde het gerechtshof in Den Haag dat kinderen pas uit het vertrekcentrum in Ter Apel gezet mogen worden als op een andere manier in hun onderdak, levensonderhoud, medische zorg en scholing is voorzien. De uitspraak geldt alleen voor de kinderen; hun moeder mag wel op straat gezet worden.Artikel Volkskrant 28/7/2010 Het moet nog duidelijk worden of het Nederlands beleid al dan niet wordt aangepast. Intussen blijven steunorganisaties en de noodopvang actief om gezinnen met kinderen op te vangen Artikel Volkskrant 19 juli 2010.
Voor opvang van illegale kinderen, zie ook www.iLegaalkind.nl.